Skip to content

Droomvriend

Sinds ik citalopram gebruik droom ik vaak over iemand die ik lang geleden kende. Het eerste halfjaar stond hij vaak op een afstandje te kijken naar mijn nachtelijke belevenissen, later werd hij onderdelen van de avonturen. Ik ben bang voor het moment waarop ik de laatste druppel van het antidepressivum inneem, niet omdat ik denk dat de dagen donker worden, maar misschien blijven de nachten leeg.

Vannacht ging ik bij de oude vriend eten, in zijn huis kwam ik allerlei vrienden tegen die ik ook buiten mijn dromen zie, we spraken over de edibles die we ooit hadden gehad en ik vertelde over drugs in de vorm van een aanrecht. Mijn vriend van vroeger zat op een bankje mee te luisteren, ik zag hem lachen om dingen die ik vertelde, maar hij mengde zich niet in het gesprek, alsof hij ook weet dat we elkaar straks niet meer zien en me alvast een beetje losliet.

Koekjes

Na jarenlang binnengezeten te hebben, eerst in een stinkende relatie, toen in depressie, toen in lockdown, verlang ik soms naar grootsheid, ter compensatie van alles wat ik heb gemist misschien, voor zolang ik niet altijd al naar grootsheid heb verlangd. Of bekendheid, beroemd zijn, want ik weet niet precies hoe die grootsheid eruitziet. Ik vind de manier waarop we met beroemdheden omgaan vreselijk, maar ik heb het idee dat er een hoop rechtgezet zou zijn als iedereen mee kent, alle mensen op straat een knikje naar me zouden doen, er af en toe voor me gejuicht wordt, maar tot het zover is probeer ik voor mezelf te zorgen, een thuis te creëren waarop ik op mezelf wacht met een kopje thee, koekjes in een trommel heb, vraag naar hoe mijn dag was.

Psychiaterkind

Een familielid van me verbaast zich regelmatig over de mensen in mijn omgeving, iedereen lijkt wel iets te mankeren. Ze begrijpt niet dat die mensen een spiegel van me zijn, net zoals zij dat is, zoals ik dat ook van haar ben. Ik heb lange tijd gedacht dat alle kinderen van psychiaters mentaal niet gezond waren. Ik ben geen kind van een psychiater, maar het was pure projectie natuurlijk. Er had zich nog nooit een veilig gehecht en ook verder tamelijk probleemloos psychiaterkind in mijn buurt bevonden, dat zei vooral iets over mij.

Voorlezen

Gisteren las ik voor het eerst sinds lange tijd weer voor en ik vond het vreselijk. Ik wilde wegrennen. Naar huis. Voorheen vond ik voordragen zalig, het applaus ook. Of vooral. Gisteren was ik op een plek waar ik me geen houding wist te geven omdat de houding die ik me ooit aangemeten had me niet meer paste. Een attitude als een broek die ik 1,5 jaar lang niet meer gedragen had en na alle traing amper nog over mijn dijen paste. Ik ben blij met alle therapie die ik heb gehad, maar ben inmiddels wel klaar met nieuwe broeken kopen.

Nummers

Een tijd geleden vond ik de cd vol mp3’s die een ex eens voor me brandde. Ik was de cd lang kwijt en zocht een specifiek liedje dat ik toentertijd vaak op mijn discman luisterde als ik op de fiets zat. Het was een donker nummer, het ging over dood. Ik had altijd tegenwind. Het nummer bleek niet tussen de mp3’s te staan. Wel stond de de cd vol met muziek die ik me niet kon herinneren maar sinds het terugvinden van de cd vaak beluister. Nummers om op te dansen onder de douche. Ik heb veel gemist, er is lange tijd veel langs me heen gegaan. Soms lijkt het of ik herinneringen put uit het verleden van een ander.

Complimenten

Ik heb lang de gewoonte gehad elke dag een compliment te geven aan een vreemde, het begon toen ik zestien was en achter de kassa bij Lidl werkte als een oefening om met mijn sociale ongemak om te leren gaan en groeide uit tot een goede gewoonte. Tot iemand me wijsmaakte dat ik werkelijk alles voor de aandacht deed en ik stopte met de dingen die hij aan me afkeurde. Ik probeer veel goede gewoontes weer op te pakken. Mouwophouders met teddyberen kopen bij de kringloop, drinken met vrienden, complimenten geven aan vreemden. Toen ik gisteren voor het eerst de stad weer inging zei ik in het voorbijgaan tegen een jongen met een uitbundig gekleurde outfit dat hij een mooie jas droeg. ‘Jij niet,’ zei hij, en lachte. Ik had hem het nummer van mijn psycholoog willen geven, maar ik heb afgeleerd iedereen te willen redden.

Zingen

Mijn psycholoog leerde me voor mijn innerlijke kind te zorgen. Ze heeft dezelfde naam als mijn moeder. Soms neem ik nog Red Bull mee onder de douche, maar ik heb de mentale ruimte om zoveel mogelijk doucheproducten te vervangen voor varianten zonder plastic verpakking waardoor ik nu een reeks blokken in de badkamer heb liggen; van links naar rechts en in volgorde van gebruik shampoo, conditioner, zeep voor mijn gezicht en gewone zeep. Ik maak me geen zorgen over mezelf. Vandaag onder de douche zong ik uit volle borst. Ik heb lang gedacht dat ik dat vroeger alleen voor de vorm heb gedaan.

Vooruitgang

Ik woon achter een Albert Heijn en een Lidl. Vanaf de galerij zie ik onderbetaalde medewerkers sigaretten roken terwijl ze praten met vrachtwagenchauffeurs. Toen ik hier net kwam wonen ging ik naar de supermarkt en noemde dat een prestatie. Nu wandel ik op mooie dagen naar een winkel die verder weg ligt. Ik ben bang voor passiviteit. Drie jaar geleden kocht ik een stappenteller, op mijn slechtste dag had ik nog geen 300 stappen gezet. Gisteren liep ik er 20.000. Ik verzette bergen werk in huis en kwam pas ver na middernacht in slaap. Soms herken ik het verschil niet tussen welzijn en een nieuwe ziekte.

Groei

Toen ik laatst bij mijn oma was, vroeg ze of ik gegroeid was. Ik wilde trots vertellen over het intergenerationeel trauma dat bij mij stopte, maar dat was niet wat ze bedoelde. Thuis vond ik striae op mijn buik en vroeg mijn vriend de strepen te kussen. Mijn vriend snapt niet dat ik mijn woonkamer met gekleurde lampen verlicht. Ik weet niet wat ik eraan uit kan leggen. Vorige week danste ik, zomaar, op een woensdagmiddag, in de hal. Ik had al jaren niet meer gedanst. Een surplus aan energie dat ik niet meer kende. Je kan omstandigheden creëren, maar hebt nooit controle over wat er precies op welk moment ontstaat.

Niet bang

We bleven op tot het heel laat was, lieten elkaar onze favoriete nummers horen, hadden het over onze ouders, moesten lachen, een beetje huilen (ik), maakten belachelijke drankjes waarbij het suiker van de randen van de glazen droop, keken een Marvel-film omdat we de hype proberen te begrijpen, maakten selfies omdat ik dat wilde, kusten, spraken over vroeger. Er is iemand in mijn leven met wie ik een vroeger heb en ik ben niet altijd bang.