Winden laten

Ik had het er laatst met iemand over nieuwe mensen ontmoeten. Daten.

Ik zei dat als ik ergens tegenop zie, het wel het laten van winden is. Er valt veel voor te zeggen om met een nieuw iemand in bed te slapen, maar alleen om de winden zou ik het al laten.

In mijn buik voel ik nog de pijn van ingehouden winden, in mijn gezicht voel ik nog de kramp van het geforceerd ontspannen kijken terwijl ik doe alsof mijn darmen zonder lucht zijn. Zodra de kans zich voordeed, rende ik naar een hoek van de kamer om ongezien te laten wat ik moest laten. Ik wapperde drie keer, spurtte terug naar het bed en hoopte dat mijn lichaam nog zo warm was, dat het niet op zou vallen dat ik onder de dekens weg was geweest.

Vandaag bedacht ik dat de winden-kwestie eigenlijk de eenzame versie van de ruzie over het dopje van de tandpasta is. Zoals die ruzie niet over tandpastadoppen gaat, gaat het bij de winden niet over winden. De onderliggende zaak is dat het lastig is niet de opgepoetste versie van jezelf te laten zien. Wanneer je een ander nog niet lang kent, probeer je zo lang mogelijk een paar kleine illusies in stand te houden.

Het is goed om de gepolijste versie van jezelf zo dicht mogelijk bij je ware zelf te houden.

Dat bedacht hebbende, misschien is het tijd dat ik een van die vrouwen word, die nooit winden laten.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *