Vasco

Eerst vond ik het maar flauw. Ik bedoel, dan durf je eindelijk naar buiten, dingen te doen, het leven mee te maken, mag het niet meer. Ik raakte verkouden en moest binnenblijven. Mijn brein vond daarin een bekend patroon en paste zich meteen aan: binnenblijven, dat betekent nietsdoen. Dat is voor niemand goed, maar voor mij gewoonweg gevaarlijk.

Na een drie uur durende wandeling door de Groninger ommelanden ging het wel weer. Ik merkte weer dat ik zelf invloed heb op mijn stemming en probeerde er niet aan te denken dat ik er eigenlijk in geloof dat alles gedetermineerd is. Geloven is prima, maar je moet je leven er niet teveel door laten bepalen.

Als ik voor mezelf kan zorgen, dan ook voor een kat, dacht ik. Ik bekeek een week lang asielkatten. Een kat bleef in mijn hoofd. Vasco. Een bange. Een kat die te bang is om geaaid te worden en te bang om naar buiten te gaan. Vasco, mijn appartement, mijn geduld, mijn levensstijl, we pasten perfect bij elkaar.

Toen ik het asiel belde, bleken ze net gesloten in verband met het virus. Ook voor adoptie. Reserveren was niet mogelijk. Ik had een prettig gesprek met een medewerker die me zei dat ik de website in de gaten moest houden zodat ik wist wanneer ze weer open waren. Ik moest haar naam noemen als ik weer belde.

Op de dag dat het asiel weer openging voor adoptie, was iemand anders me net voor.

Ik weet eigenlijk niet wat ik wil vertellen. Er gebeurt weinig en er gebeurt enorm veel. Mijn psycholoog belde voor een telefonische consult. Ik zei haar dat ik best even wilde praten over hoe het met me gaat, maar dat ik geen behoefte had aan een diepgravende sessie. Ik zei dat ik een kat wilde. Ze vond het een goed idee, zei dat dat het goed met me gaat en zei dat we langzaam richting het einde van de therapie gingen

Ik schrok me rot. Toen ik later op de dag van de schrik bekomen was belde ik Oscar om het te vertellen, van de therapie. Hij vroeg of de psycholoog wil stoppen omdat ze tevreden is over hoe het met me gaat, of omdat ze niets meer voor me kan betekenen.

Oscar maakt geen grappen over dit soort dingen.

Ik ben bezig een klimmuur te maken voor de kat die in mijn leven komt. De kleur van de muur had ik bepaald toen ik nog dacht dat Vasco zou komen. Groen. Ik wist dat hij er niets aan zou hebben, maar ik dacht dat de kleur hem goed zou staan.

Om niet alleen met de kat bezig te zijn, werk ik ook hard aan een zo plantrijk mogelijk balkon waarop ik de hele zomer in eenzame afzondering van het weer kan genieten.

Afgelopen weekend zag ik dat Vasco weer op beschikbaar staat. Ik las dat hij niet van andere katten houdt en ben bang dat hij in een klein kooitje zit. Straks om half elf kan ik het asiel weer bellen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *