Jaar in muziek – #6: Linde met een E

Maanden heb ik me verheugd op het jaaroverzicht van Spotify. Deze lijst laat zien welke honderd nummers je het afgelopen jaar het meest geluisterd hebt. Het overzicht is eerlijk en keihard. In 2014 stond Cody Simpson bij mij hoog genoteerd. Vorig jaar Captain Jack.

Mijn jaaroverzicht bleek dit jaar keer relatief onbeschamend. Van de honderd nummers uit de lijst schrijf ik (ongeveer in chronologische volgorde) over de tien die me het meest bijgebleven zijn.

#6: Lucky Fonz III – Linde met een E

Het was lastig me op mijn gemak te voelen op Het Tuinfeest afgelopen zomer. Ik had poëzie net ontdekt en begaf me in een wereld voor grijze hoofden die instemmend naar elkaar knikten, namen als Vestdijk fluisterden en beheerst citaten oplepelden waarvan ik het niet door zou hebben als ze ter plekke verzonnen waren.

Ik ben onzeker, zegt men. Dat wat anderen onzekerheid noemen, vind ik een goede eigenschap en een teken van realistisch naar jezelf kunnen kijken. Zelfverzekerdheid vind ik in veel gevallen een behoorlijke vergissing.

Er zijn situaties waarin mijn onzekerheid te grote vormen aanneemt en omslaat in ongemak. Wanneer ik me tussen mensen begeef die meer weten dan ik, krijg ik het gevoel dat er met blokletters BUITENSTAANDER op mijn hoofd staat.

De eerste keer dat ik het buitenstaandersgevoel ervoer behoort tot een van mijn scherpste herinneringen, ondanks het bier dat ik die avond had gedronken. Mijn relatie eindigde vlak na kerst en ik reisde op oudejaarsdag met de trein naar een verre vriend. Hij nam me mee naar een ingetogen thuisfeestje van Arnhemse kunstacademiestudenten. Ik voelde me er op mijn gemak, totdat iemand in een gesprek ‘ja, net als de blauwe periode van Picasso’ riep, waarop alle gasten hun hoofd achterover gooiden en bulderden van het lachen. Ik begreep de grap niet, begreep wel dat ik hier eigenlijk niet hoorde en dronk mijn bier leeg.

Een hele groep bestempelen tot ‘zij die het wel weten’, is een malle vergissing. Vooral doordat ik mensen die elkaar niet kennen, nooit eerder gezien hebben en waarschijnlijk weinig met elkaar te delen hebben, in één groep plaats.

Lucky Fonz III trad op tijden Het Tuinfeest. Voor mij stond een kalende man met intelligente bril. Hij droeg een grote jas, zo’n wijde die de wind gemakkelijk vangt en de man dan waarschijnlijk nog imposanter doet voorkomen.

Lucky Fonz III speelde Linde met een E.  Ik heb veel geluisterd naar Linde met een E. Ik weet niet waarom, want ik vind het een onnozel liedje. Maar misschien luisterde ik daardoor juist. De man voor me vond het prachtig. Iedere keer dat hij ‘Oh…. Linde, Linde’ hoorde, richtte hij zich wat op, om vervolgend het dik aangezette ‘ja ja ja ja jaaaaa’ hard mee te zingend. Schuddend met zijn hoofd, lachend en proestend. Het werd steeds vermakelijker om naar te kijken, en opeens viel voor mijn ogen de intimiderende grijze groep bezoekers uit elkaar tot individuen. Mensen met eigen humor, smaak, karaktereigenschappen, herinneringen en een eigen belevingswereld.

Lees ook:
#10: Wir setzen uns mit Tränen nieder
#9: Op de Grote Stille Heide

#8: La Stravaganza
#7: Killing in the Name

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *