Ik wilde dansen

Iedereen fluisterde tegen me, want hij stond binnen gehoorafstand. ‘Hoe gaat het met je?’

Hij droeg een mooie trui.

Ik at Croky paprika uit de zak, verdedigde gepassioneerd de waarde van niet-eeuwige liefde en voelde me een Happinez-vrouw.

Ik dronk Warsteiner. Het was voor het eerst dat ik pils dronk, die ik niet lustte. Desalniettemin dronk ik Warsteiner.

Er stond een grote schaal met snoep op tafel.

In mijn hoofd werd het steeds gezelliger. Ik wilde dansen. De anderen waren moe, ziek of mijn ex. Ze wilden de muziek best harder zetten, maar ik zei dat ik draaiende lampen nodig had en overwoog even mijn plannen thuis voort te zetten, omdat ik daar een mooi discolampje heb.

Ik besloot in mijn eentje de stad in te gaan. De meesten vonden het een goed plan dat ik alleen de stad in ging. Ik voelde me aangemoedigd.

De stad was onwennig en jong. Op de dansvloer was weinig ruimte, terwijl ik veel ruimte gebruik. Wanneer ik mijn ogen een beetje sloot, bestonden anderen alleen wanneer ik ze raakte in mijn bewegingen. Ik zag ze niet, enkel kleuren en licht.

Bewust nuchter worden is elke keer een unieke ervaring. Het begon er dit keer mee dat ik de lampen zag, in plaats van lichten. Draaiende zwarte apparaten aan het plafond. Toen de mannen. Of jongens, waren ze. Ze wierpen onvaste glimlachjes.

Country Roads speelde. Ik pakte mijn tas van de rand van de dansvloer. Toen een van de jongens zag dat ik vertrok, aaide hij over mijn arm.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *