Gepast

Er zijn beslissingen die je binnen drie seconden moet maken. Langer nadenken en van je ene been op het andere wiebelen is ook een beslissing, maar de verkeerde. Weglopen alsof ik niets gemerkt had, was een uitstekende keuze geweest. Ik besloot het te vertellen, want je weet maar nooit. Ik sprak een medewerkster in een grote, witte trui aan. Ze had verwassen paars haar, een ontblote schouder en ik had haar eerder naar een collega zien lachen.

‘Het probleem is dat het bonnetje er nog aan vast zit,’ zei ik. Ik bloosde en ze zag het. ‘Zo heb ik hem vanmorgen uit mijn kast gehaald. ‘Onhandig greep ik naar het prijskaartje dat achter in mijn rok zat en probeerde het onder mijn jas vandaan te halen. ‘Kijk.’
‘Ik begrijp niet wat je bedoelt,’ zei ze. Ze begreep me uitstekend. Aan de manier waarop ze naar me glimlachte, zag ik dat ze dacht dat me iets mankeerde. Ze zocht de blik van een collega. Al vlug stond er op zestig centimeter rechtsachter me een zwaar opgemaakte dame met haar haren in een hoge staart.

‘Ik kwam het pashokje uit en voelde iets in mijn rug prikken. Het prijskaartje. Ik heb deze rok hier eerder gekocht en ben vergeten het kaartje eraf te halen.’
De medewerkster fronste en kreeg een kleur, net als ik. ‘Wat ik hier mee moet, dat weet ik niet,’ zei ze.
Toen pas zag ik dat ze nog maar een jaar of zestien kon zijn. Zij was een meisje van zestien, ik was een dubbel zo oude vrouw met vet haar en een merkwaardig verhaal.

‘Ik weet het ook niet,’ zei ik. Ik wil de rok best hier laten, maar dan moet ik in mijn panty naar huis.’
‘Het is raar,’ zei het meisje. ‘Ik weet niet wat ik ervan moet vinden.’
‘Snap ik.’
‘Je had het kaartje er thuis af moeten halen.’ Het meisje keek meer naar haar collega dan naar mij. Er ontstonden vlekken in haar nek.
‘Ik ben bekend met de gebruiken.’
‘Wat ik hier mee moet, dat weet ik niet. Je had het ook beter meteen bij binnenkomst kunnen vertellen.’
‘Ik voel het prijskaartje pas prikken sinds ik uit het pashokje kom.’
Om te bewijzen dat ik werkelijk geen dievegge was, hield ik de hangers met kleding in mijn rechterhand omhoog. ‘Deze ga ik zo afrekenen.’
Ik vroeg me steeds sterker af waarom ik niet meteen naar de kassa gelopen was, de nieuwe kleding afgerekend had en naar huis was gegaan.
‘Nou, ja, toe maar dan, voor deze keer.’ Er klonk onmacht in haar stem. ‘Wat ik hier mee moet.’
‘Ik begrijp het,’ zei ik. ‘Je kan hier niets mee. Maar als er een controle is, dan kan ik zeggen dat ik jou gesproken heb.’
Er is nooit controle, dacht ik. Ik ben nog nooit gecontroleerd. En al als ik al gecontroleerd zou worden, zou er niet gezocht worden naar een prijskaartje aan de binnenkant van mijn rok.
‘Het is raar,’ zei ze nog eens.
‘Ik ga afrekenen,’ zei ik. ‘Bedankt.’
Het meisje keek even naar beneden, rechtte toen haar rug en keek me strak aan. ‘De volgende keer haal je de kaartjes er thuis gewoon af.’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *