Dorst

De psycholoog had gezegd dat ik meer in contact moest komen met mijn gevoel.
‘Ogen dicht en naar binnen gaan. Wat vóél je? Waar voel je dat? Heb je ergens pijn? Als je in de supermarkt bent, in welke rij ga je staan en waarom voelt die rij beter? Waar wil je je in een ruimte bevinden ten opzichte van anderen?’

Na een week voelen zit ik weer bij haar aan het bureau. Meestal begint ze een sessie met gemopper op de computer, die nooit doet wat ze wil dat hij doet. Vandaag heeft ze de geschreven aantekeningen van de vorige keer voor zich liggen.
‘Jij hebt vorige week een opdracht gekregen,’ zegt ze. ‘Hoe is dat gegaan?’
‘Nou,’ zeg ik, ‘ik drink vaak te weinig, maar de afgelopen week had ik ineens veel dorst.’
De psycholoog zwijgt.
‘Ik geloof dat dat wel goed is. Ik heb nu steeds genoeg gedronken. Maar misschien heb ik net diabetes ontwikkeld. Heb ik daarom dorst. Dat kan ook.’
De psycholoog gaat iets rechter zitten.
‘Waarom zeg je dat?’
‘Dat kan toch?’ zeg ik. Ik pulk aan mijn nagelriemen. ‘Het is toch helemaal niet zeker dat de dorst komt doordat ik meer in contact sta met mijn gevoel?’
‘Je bent bang,’ zegt de psycholoog.
‘Ik houd de mogelijkheid open,’ zeg ik.
De psycholoog schrijft iets op.
‘Wat zou de Gezonde Volwassene hiervan zeggen?’ vraagt ze me.
‘Weet ik niet.’
‘Zou de Gezonde Volwassene zeggen: Jirke, je hebt dorst, dat is vast diabetes?’
‘Nee,’ zeg ik.’
‘Wat dan wel?’
‘Je hebt waarschijnlijk geen diabetes?’
‘Want?’ vraagt de psycholoog.
‘Er is verder geen aanleiding om te geloven dat ik op 34-jarige leeftijd diabetes heb ontwikkeld?
‘Heel goed,’ zegt de psycholoog. ‘Zo zit het. Het is heel normaal om dit soort lichamelijke behoeftes ineens te ervaren als je meer in contact staat met je gevoel.’ Ze schrijft iets op en zakt weer wat onderuit in haar stoel. ‘Vertel nu eens hoe het de afgelopen week verder is gegaan.’

2 gedachtes over “Dorst

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *