Aan de man

Vannacht droomde ik over exen. Ik zat met ze aan een ronde tafel en vertelde dat ik nooit meer het bed met ze zou delen, omdat ik jou nu ken. Een schoonmoeder die ik nooit ontmoette maakte ondertussen Cup-a-Soup voor haar zoon. Een van de exen vroeg me wat ik in je zag. Ik vertelde over de manier waarop jij paprika snijdt, dat ik nog nooit iemand een paprika heb zien snijden zoals jij een paprika snijdt en ik zag het voor me, een rode paprika in grote, vierkante stukken. Toen ik wakker werd verbaasde ik me over de droom, niet vanwege de mannen aan de tafel en de mededeling die ik ze deed, maar vanwege de paprika. Ik heb je nog geen paprika zien snijden, we kennen elkaar nog maar kort. Later bedacht ik me, ik heb je een peper zien snijden, dat telt ook. Je deed het anders dan ik het doe en ik vroeg je waarom je dit de manier is waarop jij een peper snijdt. Je zei dat je het best anders wilde doen, maar dat was niet de bedoeling van mijn vraag. Ik wil alles van je weten en je had gelijk, daar hoef ik geen vragen voor te stellen. Laatst vertelde je hoe ons leven zou eindigen. We zouden oud zijn, woonden samen in een huis, en er was iets met een geit, ik weet niet meer wat die geit precies in het verhaal deed. Op een dag zou je nog wel ademen, maar niet meer wakker worden en ik nam jouw lichaam dan mee langs alle plekken die je niet met me had willen bezoeken. Ik vond dat onaardig van mezelf, maar je zei dat je het leuk gevonden zou hebben. Twee weken later zouden we beiden sterven. Ik geloof niet in relaties die een leven lang duren, althans, ik geloof niet dat lang bij elkaar blijven een doel op zich zou moeten zijn. Ik geloof wel dat wat jij me vertelt waar is en als er al iets niet klopt aan jouw verhalen, dat het de aanwezigheid van geiten is. Er zijn momenten waarop ik twijfel aan wat we aan het doen zijn, die twijfel volgt altijd op een ogenblik waarop ik het allemaal zeker lijk te weten. Als ik over straat loop denk ik vaak aan je, ik denk sowieso vaak aan je, maar soms denk ik aan hoe alles wat je zegt bevestigt dat we bij elkaar horen te zijn, dat maakt me bang, ik ken geen bevestiging, alleen tegenargumenten. Ik blijf verbaasd over hoe vaak we het met elkaar eens zijn en over de dingen die jij begrijpt, inmiddels zou ik het saai moeten vinden, maar dat lukt me niet. Misschien word ik zelf wel saaier, aardiger. Regelmatig denk ik terug aan hoe ik vroeger was en dan hoop ik maar dat ik werkelijk ben wie ik nu ben. Ik geloof meer in jouw verhalen dan in die van mezelf. Zolang jij mij niet in twijfel trekt, spreek ik de waarheid. 

3 gedachtes over “Aan de man

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *